5 minuten
)
Onderwijs

Verbinding in verschillen

In de Internationale Schakelklas (ISK) van het Start College in Zwolle (onderdeel van Landstede Groep) komen jongeren uit alle hoeken van de wereld samen. Sommigen zijn nog maar net in Nederland, anderen al langer en staan op het punt door te stromen naar het mbo of het reguliere onderwijs. Docent Hennie Hallink ontvangt de leerlingen bij de start van hun opleiding. Ze vertelt: ‘Ik heb de hele wereld in mijn klas.’ Na een aantal maanden of een jaar gaan leerlingen door naar Esma Arslan, die hen begeleidt richting hun volgende stap. Samen zien zij elke dag hoe verschillen in taal, cultuur en ervaring niet in de weg hoeven te staan van verbinding. Als je maar kijkt naar wat mensen bindt.

Hennie werkt inmiddels anderhalf jaar bij de ISK. Na een lange loopbaan in het basisonderwijs en als intern begeleider vond ze hier haar plek. ‘Ik wilde graag in het onderwijs blijven en op een manier die echt betekenisvol voelde. Toen ik taalmaatje was bij de bibliotheek, ontdekte ik hoe bijzonder het is om mensen te helpen hun plek te vinden in een nieuw land. Dat is precies wat ik hier doe’, zegt Hennie.

In haar instroomklas komen jongeren binnen uit alle windstreken: Syrië, Oekraïne, Afghanistan, Eritrea, de Filipijnen, Curaçao, China en nog veel meer landen. Sommigen hebben al jaren onderwijs gevolgd, anderen nog nooit. ‘De verschillen zijn enorm’, zegt Hennie. ‘Wat de leerlingen delen, is dat ze allemaal een vluchtverhaal hebben. En wat opvalt is de wil om te leren en erbij te horen.’ Elke maand vormt Hennie een nieuwe intake-klas. ‘Leerlingen gaan eerst vier weken laten zien wat ze kunnen en aan de hand van toetsen en observatie stromen zij uit naar een locatie. We starten altijd in de kring. We doen namenspelletjes, bijvoorbeeld via een balspel, en ze leren eenvoudige zinnen. Bewegend leren breekt de spanning. Langzaam zie je dan verbinding ontstaan. Ze komen letterlijk en figuurlijk in beweging.’

Van instroom naar uitstroom

Waar Hennie de leerlingen op gang brengt, helpt Esma hen verder richting hun toekomst. Ze werkte dertig jaar in het basisonderwijs en begeleidde internationale uitwisselingsprojecten voor de pabo, voordat ze haar hart verloor aan de ISK. ‘Ik mocht een keer meekijken en wist meteen: hier wil ik gaan werken’, zegt Esma. Inmiddels werkt ze op de locatie Rechterland, waar leerlingen worden voorbereid op hun uitstroom naar het mbo, de havo of het werkveld. ‘Wat het zo mooi maakt’, vertelt Esma, ‘is dat iedereen hier met hart en ziel werkt. Collega’s, leerlingen en ouders. Iedereen wil dat de jongeren slagen. Als je ze ziet, met je hoofd en je hart, dan heb je ze helemaal voor je gewonnen.’

Ze ziet zichzelf niet alleen als docent. ‘Je bent ook coach, ouderfiguur en soms maatschappelijk werker. We leren ze niet alleen Nederlands, maar ook hoe Nederland werkt: van afspraken maken tot op tijd komen. En altijd met respect voor hun achtergrond. Dat respect is overigens wederzijds. Deze jongeren zijn zeer respectvol naar hun docent, heel beleefd en goed aanspreekbaar.’

De veilige haven

De leerlingen van de ISK dragen vaak een rugzak met zich mee. Ze komen uit oorlogsgebieden of hebben moeten vluchten. Daarom is veiligheid de basis van alles, benadrukken beide docenten.

‘Sinan Can, de bekende documentairemaker, was bij ons op school om het jaar af te sluiten en zei: ‘Jullie zijn de veilige haven voor deze jongeren.’ Dat raakte me’, vertelt Esma. ‘Want dat is precies wat we proberen te zijn. Thuis, in het azc, is het niet altijd rustig. Soms slapen ze slecht, soms hebben ze nare herinneringen. Hier mogen ze even ademhalen.’

Hennie vult aan: ‘Sommigen slapen in de klas, omdat ze ’s nachts wakker zijn gebleven door onrust, trauma of bijvoorbeeld brandmeldingen. Dan kijk ik niet alleen als docent, maar als mens. Soms laat je een leerling even slapen in de klas, omdat dat is wat die leerling nodig heeft.’

Verschillen die verbinden

In elke ISK-klas komen werelden samen, letterlijk. Verschillende culturen, religies en talen ontmoeten elkaar. Dat leidt tot mooie gesprekken. ‘We praten veel over respect’, zegt Hennie. ‘Je hoeft iets niet goed te keuren, maar je leert dat het oké is dat een ander anders denkt. Dat is de kracht van de ISK.’

Soms gebruiken leerlingen hun eigen taal om elkaar iets uit te leggen. Dat mag. ‘Taal is geen beperking, het is een verrijking’, vindt Esma. ‘Als ze eerst in hun moedertaal nadenken, begrijpen ze het Nederlands daarna beter. En ze leren dat hun taal er ook mag zijn.’

Door gezamenlijke projecten, zoals themaweken over eten en cultuur, ontdekken leerlingen hoeveel ze gemeen hebben. ‘Rijst met kip komt in bijna elk land voor’, lacht Hennie. ‘Dat soort kleine dingen verbindt enorm.’

Leren van elkaar

De docenten geven niet alleen les, ze leren zelf ook. ‘Ik heb zoveel meer relativeringsvermogen gekregen’, zegt Hennie. ‘Onze zorgen zijn vaak klein, vergeleken met wat deze jongeren meemaken. Toch komen ze elke dag met energie en veerkracht naar school.’

Esma knikt. ‘Je ziet pure wilskracht. Jongeren die hier zonder kennis van de Nederlandse taal beginnen en binnen een jaar een opleiding volgen. Dat raakt me elke keer weer. Bijvoorbeeld een leerling die geïnteresseerd is in mode. Ik ben met hem naar onze mbo-opleiding Fashion gegaan en hij volgt daar nu heel enthousiast twee dagen in de week praktijklessen. En als oud-leerlingen terugkomen om te vertellen dat ze hun rijbewijs hebben of een baan, dan weet ik: dit werk doet ertoe.’

Hennie vult aan: ‘Er heerst in de samenleving onwetendheid over wie deze jongeren zijn. Als je hier binnenloopt, zie je: dit zijn gewoon kinderen met dromen, talenten en humor. De hele wereld in één klas. En dat is prachtig. ’